De elfjarige Jezus gaat met Jacob hout sprokkelen. Jacob, door een adder gebeten, sterft. Jezus wekt Jacob weer op. Een evangelie over de arbeid. Opwekking van de dode Kefas en van de dode timmermansknecht Mallas. Afgunst kan de dood veroorzaken!

Jakob Lorber - De jeugd van Jezus

«« 297 / 302 »»
[1] Van toen af bleef het Jezuskind dus thuis, waar Hij Zich rustig en gehoorzaam gedroeg; ook ver­richtte Hij soms kleine karweitjes.
[2] Een heel jaar lang deed Hij geen enkel wonder, ...tot aan Zijn elfde jaar dus!
[3] Toen Hij elfwas bewerkstel­ligde Hij echter weer drie belang­rijke wonderen, waarvan hier een kort verslag moge volgen:
[4] In het voorjaar was Jozefs voorraad aan brandhout vrij plot­seling in een paar dagen opge­raakt.
[5] Daarom stuurde hij Jacob en Jezus, die de meeste tijd hadden, naar een nabijgelegen bos om sprokkelhout te verzamelen.
[6] Zij gingen beiden dus vol ijver op pad en deden wat Jozef hun had opgedragen.
[7] Jacob sloofde zich vreselijk uit, waardoor er voor Jezus weinig te sprokkelen overbleef; Jacob was Jezus namelijk overal te vlug af!
[8] Zo kon het gebeuren, dat hij in zijn ijver een struikachtige tak pakte, waaronder een giftige ad­der schuilging.
[9] De adder beet Jacob in zijn hand. Van schrik en ontzetting viel Jacob op de grond. Zijn hand zwol plotseling hevig op, Jacob draaide zich op zijn rug en er tra­den reeds symptomen van de na­derende dood op. ..
[10] Nu sprong Jezus te hulp. Hij blies op de wond. ..en on­middellijk was Jacob weer in orde.
[11] De adder zwol echter enorm op en spatte toen uiteen!
[12] Nu zei Jezus tegen Jacob: , Haastige spoed is zelden goed! In elke wereldse inspanning, die overdreven ijverig gedaan wordt, ligt de dood op de loer!
[13] Het is daarom beter om in wereldse zaken lui te zijn, maar des te ijveriger in geestelijke din­gen, en dat geldt voor elke gele­genheid.
[14] Zo komt het dat degenen, die zich druk maken om wereldse zaken in hun ijver voor wereldse dingen steeds de dood hunner zie­len zullen bewerkstelligen.
[15] Maar hen, die zich minder voor wereldse zaken interesseren, hen zal Ik in Mijn Dienst nemen, voor eeuwig! En al hebben ze dan misschien slechts één uur van de dag gewerkt, Ik zal hun toch het­zelfde loon uitkeren, als Ik zal doen aan hen, die heel de dag allerijverigst gewerkt hebben!
[16] Heil wacht iedere luiaard in wat werelds is; wee degene, die al te vlijtig is in wereldse zaken! Want de eerste zal Mijn vriend zijn. .., maar de tweede veeleer Mijn vijand!'
[17] Jacob prentte zich deze woorden goed in zijn geheugen, en hij leefde daar voortaan naar , terwijl hij er zich niets van aan­trok, als men hem soms de bij­naam 'de luie en langzame' gaf.
[18] Des te ijveriger echter was hij sindsdien bezig aan zijn inner­lijke vorming, waar hij eindeloos veel beter bij won. ..
[19] Kort na deze gebeurtenis stierf het enige zoontje van een buurvrouw, die weduwe was, en die daar zeer onder leed.
[20] Jezus ging er naar toe, tezamen met Zijn Jacob, om Zijn rouwbeklag te doen.
[21] Toen hij de vreselijk we­nende vrouw zag, kreeg hij mede­lijden met haar. Hij greep de dode knaap bij de hand en zei:
[22] 'Kefas, Ik zeg je: sta op, en bedroef het hart van je moeder nooit meer. ' Plotseling stond de knaap nu op, en lachend begroet­te hij alle aanwezigen!
[23] Nu wist de weduwe niet meer hoe ze het had. Zij sprak: 'Wie kan deze Zoon van Jozef toch zijn, dat Hij met een woord doden kan opwekken? Zou Hij een God zijn, of is Hij een Engel?'
[24] Maar nu zei Jezus tegen de weduwe: 'Vraag daar verder niet naar; geef Kefas liever wat melk te drinken, zodat hij gauw weer de oude is!'
[25] Vlug ging de weduwe nu warme melk voor haar jongen ha­len.
[26] Toen het zover kwam, dat ten slotte allen Jezus wilden gaan aanbidden, vluchtte hij weg van daar, en zocht andere kinderen op, waarmee Hij op de Hem eigen wijze kon spelen. ..
[27] En toen hij daar nu zo aan het spelen was, viel er van het dak van een ander huis, waaraan door werklui uit de stad reparatiewerk­zaamheden werden verricht, een man naar beneden; hij brak daar­bij zijn nek en was op slag dood.
[28] Van alle kanten kwamen onmiddellijk vele mensen aan, die de verongelukte man met veel misbaar bejammerden.
[29] Toen Jezus dat lawaai hoorde, ging Hij er met Jacob ook heen; Hij drong tussen de omstan­ders door tot Hij bij de dode stond en zei toen tegen deze:
[30] 'Mallas! Ik zeg je; sta op en ga weer aan het werk! Spijker je daklatten echter beter vast, want anders val je nogmaals!
[31] Het komt er namelijk niet zozeer op aan hoeveel werk je verzet hebt, maar veeleer hoe je het hebt gedaan! In afgunst schuilt altijd de dood!'
[32] Vlug maakte Jezus dat Hij weg kwam, terwijl de dode weer gezond overeind kwam en zo flink doorwerkte, alsof hem niets was overkomen. Maar wel heeft hij de woorden van Jezus goed in zijn geheugen gegrift!
[33] Deze drie wonderen ge­beurden achter elkaar in een kort tijdsbestek, waardoor nu alle bu­ren Jezus wilden aanbidden.
[34] Jezus stond hun dat echter niet toe en liet Zich gedurende vele weken niet in het dorp zien.
[35] Ten huize van Jozef werden deze drie daden echter zeer goed onthouden, en er werd veel over gesproken.
«« 297 / 302 »»
Graag willen wij u wijzen op het grote belang van aanschaf van de originele boekwerken die hier digitaal kunnen worden ingezien. Hiermee bevordert u de voortgang van de werkzaamheden m.b.t. herdrukken en uitgifte van nieuwe vertalingen, en niet te vergeten het beschikbaar houden van boeken voor een grote groep mensen die niet vertrouwd zijn met digitale communicatiemiddelen. Informatie over het bestellen van deze boeken vindt u op www.lorber.nl.