Over sieraden van goud en edelstenen bij heersers

Jakob Lorber - Het Grote Johannes Evangelie (deel 5)

«« 87 / 276 »»
[1] (DE HEER:) 'Een dergelijke eigenschap en werking zou ook bij andere voorwerpen bereikt kunnen worden als ze tot een buitengewone gladheid konden worden gebracht; omdat dit echter bij andere voorwerpen vanwege hun te geringe hardheid niet goed te doen is, kunnen hiervoor alleen maar thummim en urim gebruikt worden. De oude Egyptenaren wisten dat heel goed en gebruikten deze beide steensoorten ook voor dat doel. De oude wijzen en de farao's droegen daarom steeds zulke stenen op hun borst en ook op hun hoofd in een gouden diadeem.
[2] Wie derhalve in die tijden zulke stenen droeg, werd door het volk steeds als een patriarch en als een wijze gezien. Zodoende hadden in die tijd koninklijke sieraden een echte en ware reden. In deze tijd zijn ze echter niets anders dan een ijdel uithangbord van aardse rijkdom en hoogmoed, als ook van liefde voor pracht en praal, zelfzucht en de bovenal verdoemenswaardige heerszucht. Weliswaar zijn keizers, koningen, vorsten en generaals nog steeds met deze wijsheidstekenen getooid; maar waar is de oude ware reden?! -Daarom is datgene, wat ooit bij de ouden een van de belangrijkste deugden was, nu een van de belangrijkste ondeugden geworden!
[3] Zo was ook in de oude tijden het heersen een belangrijke deugd; want ten eerste waren er in een land immers nooit zoveel waarachtig wijze en ervaren mensen voorhanden en degene, aan wie men de last van de algehele leiding van het volk opdroeg, had steeds een onaangename positie en moest altijd de leraar en raadgever van duizenden zijn!
[4] Niemand vocht om deze functie. Het volk, overtuigd van de noodzakelijkheid van een wijze leider, bouwde de mooiste woning voor hem en versierde de vertrekken met allerlei edelstenen, met goud, parels en kostbare schelpen, en ze voorzagen de leider van alles wat hij maar nodig had voor een aangenaam leven, en zijn woord was voor het volk een wet. Daar is vandaag de dag nog het grote aanzien van de heersers op gebaseerd, - echter met dit grote verschil:
[5] Toentertijd had de heerser geen wapens nodig; zijn woord was reeds alles in alles. Wat hij aanraadde en wat hij wilde hebben, werd met vereende krachten tot stand gebracht en dit alles met grote liefde en vreugde. Wie een of andere schat vond of een bijzonder mooi kunstwerk vervaardigde, bracht dit naar de leider van het volk. Want bij de ouden bestond de wijze gewoonte om als volgt te oordelen: 'Wat er ook maar enigszins toe kan dienen de wijsheid van de leider te verhogen, moet aan hem gegeven worden; want de wijsheid van de leider is de orde en het geluk van de volkeren!'
[6] Maar nu leeft dit allemaal niet meer, en in plaats van de oude deugd is nu een ware zonde der zonden van de mensheid gekomen. Waar zijn de patriarchen? O Babel, jij grote wereldhoer, jij hebt de aarde verpest! Maar daarom ben Ik nu gekomen om de mensen van hun oude erfelijke kwaal te verlossen, om een vloek te leggen op alle kostbaarheden van de aarde en om te zegenen de harten die van goede wil zijn.
[7] Van nu af aan zal Mijn woord de kostbaarste edelsteen zijn voor de mens en waar en zuiver goud Mijn leer. Ieder mensenhart dat vervuld zal zijn van zuivere liefde tot God en tengevolge daarvan tot zijn naaste, zal een waar en levend paleis en een tempel zijn, en wiens hart het volst zal zijn met liefde, die zal een ware koning in Mijn rijk zijn!
[8] Daarom: Geen klinkend metaal en geen geslepen diamant zal jullie meer dienen als kroon van het leven, maar Mijn Woord en het handelen daarnaar! Want van nu af aan moet geen enkele materie voor jullie hart meer waarde hebben, doch alleen Mijn Woord en het vrije handelen naar Mijn Woord vanuit de eigen wil.
[9] Wel moeten keizers en koningen zich buitendien tooien met de oude sieraden; maar willen ze wijs en machtig zijn, dan moeten ze daar toch geen enkele waarde aan hechten, maar alleen aan Mijn Woord! Wie dat met zullen doen, zullen dan ook spoedig door vele vijanden omringd zijn!
[10] Maar als iemand al waarde hecht aan edelstenen en aan goud, dan moet hij dat doen op grond van de bijzondere, door hun natuur bepaalde eigenschappen, die ware realiteit zijn, maar nooit op grond van de ingebeelde waarde, die een leugen is!
[11] Wanneer een vorst zijn woonvertrek helemaal met puur en goed gepolijst goud zou laten bekleden, om daarin door de inwerking van de meer zuivere natuurgeesten in een profetisch helderziende toestand te geraken om zo, in zijn zware taak het volk te leiden, veel gewaar te worden van wat hem anders zelfs de beste spion niet kan vertellen, dan zou hij daar goed aan doen; het goud stamt uit het licht, en vooral op het glanzende oppervlak ervan verzamelen zich altijd grote aantallen van de meer zuivere natuurgeesten. Dit is een onmiskenbare eigenschap van zuiver goud en daarin ligt ook alleen de waarde van dit metaal.
[12] En natuurlijk moet zo'n voorziening dan gebaseerd zijn op zuivere kennis en inzicht, maar nooit alleen op wat men heeft horen zeggen, dus geheel bijgelovig; want de mens heeft zijn verstand van God gekregen om alles eerst te onderzoeken en de ware grond goed te leren kennen, en dan pas het goede en nuttige te behouden met goede bedoelingen voor het bijzondere als ook voor het algemene. Wie dat doet, handelt juist en binnen Mijn orde en zal door geen enkele handeling op het verkeerde pad raken.
[13] Maar als iemand alleen maar op basis van horen zeggen en door blind geloof, dat eigenlijk bijgeloof is, zo'n voorziening treft, en daarvan ook zou merken dat deze soms werkt, maar niet weet waarom en op wat voor gebied deze werking volgens de natuur plaatsvindt, en tot waar deze zich uitstrekt en noodzakelijkerwijs haar grenzen heeft, -dan zal zo iemand, die op grond van zijn eerste levensontwikkeling ook heel gemakkelijk de gevoeligheid voor dergelijke subtiele invloeden bezit, gemakkelijk zijn dwaze, materiële fantasieën en voorstellingen van allerlei aard als invloeden van natuurgeesten beschouwen en zich daardoor tot een verschrikkelijk valse profeet verheffen en veel kwaads aanrichten, vooral als hij, als machtig vorst, middelen in handen heeft waarmee hij geweld kan aanwenden; en dan zijn er ook duizend duistere dwaalwegen mogelijk."
«« 87 / 276 »»
Graag willen wij u wijzen op het grote belang van aanschaf van de originele boekwerken die hier digitaal kunnen worden ingezien. Hiermee bevordert u de voortgang van de werkzaamheden m.b.t. herdrukken en uitgifte van nieuwe vertalingen, en niet te vergeten het beschikbaar houden van boeken voor een grote groep mensen die niet vertrouwd zijn met digitale communicatiemiddelen. Informatie over het bestellen van deze boeken vindt u op www.lorber.nl.