Welkom!  
23-mei-2013 

    Stichting Nieuwe Openbaring

    Zoeken in website


    Hoofdmenu

    Artikelen

    Poll

Hoe ziet volgens jou een ideale N.O.-ontmoetingsdag er uit?

  • 's Morgens één lezing en 's middags gesprekken!
  • Muziek, gesprekken, gebed en gezamenlijke maaltijd
  • Helemaal geen lezing, alleen gespreksgroepen
  • Gespreksgroepen, zelfbeschouwing, avondmaal
  • Ik vind het wel prima zo in Zeist, gewoon doorgaan
  • Nee dank u wel, voor mij hoeft het niet.

[ Resultaten | Opiniepeilingen ]

Aantal stemmen: 108
Reacties: 495


    Nieuwste artikelen

    Login




 


Bent u nog niet geregistreerd? U kunt zich inschrijven!
Problemen met inloggen?

Het Grote Johannes Evangelie (deel 10)

1: Het voorstel van de Romein om de leer van de Heer zo snel mogelijk te verspreiden
2: De beperkingen van een wetmatige verbreiding van het rijk Gods
3: De genezen Romeinse rechter bekeert zijn vrienden
4: Rafaël redt Perzen en Indiërs
5: De reis van de Heer naar Genezareth (8.7.1862)
6: De maaltijd bij Ebal
7: De Romeinse commandant en zijn soldaten verstoren de maaltijd
8: Een wonder van de Heer ontnuchtert de Romeinen
9: Over de opstanding van het vlees
10: De filosofische vragen van de commandant
11: De bedenkingen van de commandant tegen de goddelijkheid van de Heer (12.7.1862)
12: De voortdurende inspanningen van de Heer voor de mensen
13: De commandant vraagt om uitleg over het wezen van de aarde
14: Rafaël als leraar in de astronomie
15: Rafaël verklaart de verhoudingen van de planeten tot de zon
16: De voorwaarden om wijsheid te verkrijgen
17: Rafaël verklaart zijn macht (25.7.1862)
18: De vraag van de commandant over het doden van dieren
19: De commandant vraagt naar het doel van de strijd in de natuur
20: De voornaamste redenen voor de verscheidenheid in de schepping op aarde
21: De zielensubstantie en haar trapsgewijze bevrijding uit de materie
22: De samenstelling van de menselijke ziel
23: Over het verval van de zuivere leer
24: Het voorstel van de commandant om de valse profeten te ontmaskeren (11.8.1862) Een 'nota bene', gegeven op 11 augustus 1862
25: Over de geestelijke omstandigheden in de eeuwen na Christus tot in de tweede helft van de 19de eeuw De geestelijke wending door het instralen van het goddelijke licht.
26: Over de weggeworpen hoeksteen - waarvan de tijd nu gekomen is - en over het einde van de valse profeten
27: De onmogelijkheid van meer godsdienstoorlogen
28: De toekomst van de ceremoniële kerk
29: De toekomst van de staten van Europa en Amerika
30: De orde der ontwikkeling De Heer in de omgeving van Caesarea Philippi (vervolg)
31: De twijfels van de aanhangers Het gebed van de Heer
32: Het gebed van de Heer. De Heer in de bergstad Pella
33: De Heer bij de waard in Pella
34: De Heer in de school in Pella
35: Het avondmaal in de herberg
36: De Heer en de Romeinse commandant
37: De genezen Veronica bedankt de Heer
38: De Heer waarschuwt de rabbi
39: De leerlingen en de Heer onderwijzen de inwoners van Pella (31.8.1862)
40: De Heer kijkt met de commandant op een heuvel naar de aanbrekende ochtend
41: De leerlingen zoeken de Heer
42: De commandant troost de leerlingen
43: Het ontbijt van Veronica
44: Het grote belang van de leer van de Heer ten opzichte van Zijn daden
45: De tegenwerpingen van de onderaanvoerder
46: Het belang van de waarheid
47: De vraag van commandant Pellagius over bezetenheid (13.9.1862)
48: Er worden twee bezetenen bij de Heer gebracht
49: Pellagius geneest een bezetene
50: De Heer drijft zeventien geesten uit een bezetene
51: Het wezen van de eerste vijf uitgedreven geesten
52: De achtergronden van de zeventien geesten
53: De Heer vermaant de aanvoerder van de uitgedreven geesten
54: Over de gevaren bij het eten van onreine spijzen De Heer in Abila
55: De reis naar Abila
56: De Heer in de woning van de tien Joodse gezinnen
57: Het getuigenis van de oudste over de Heer (21.9.1862)
58: De geestelijke overeenstemming van de vernieuwing van de vervallen burcht
59: De burcht van Melchizédek
60: Uit de tijd van de koning van Salem
61: Het avondmaal in de oude eetzaal
62: Het rumoer voor het huis van de Joden
63: De ware sabbatheiliging
64: Hoe men bijgelovige heidenen dient te onderrichten
65: Over de manier van onderrichten
66: De burgemeester van Abila
67: De commandant onderricht de burgemeester over de Heer (5.10.1862)
68: Liefde en geduld, de twee grootste deugden van de mens
69: Het middagmaal en het afscheid van de Heer De Heer in Golan
70: De aankomst in Golan
71: De Heer geneest de zieke vrouwen de twee dochters van de waard
72: De waard en zijn vrouw verbazen zich over de wondermacht van de Heer
73: Het wezen van het rijk Gods
74: De waard en de commandant worden onderricht
75: De aankondiging van een op handen zijnde storm
76: De stormnacht
77: Buiten na de storm (23.10.1862)
78: De commandant spreekt over hoe men God dient te zoeken
79: De goede voornemens van de buren
80: De naweeën van de storm en de aardbeving
81: De woorden van de buren over de macht van de Galileeër
82: De terugkeer naar de herberg
83: De commandant vraagt hoe hij zich tegenover de priesters moet opstellen
84: Het belang van de liefde (7.11.1862)
85: De heidense priesters verdedigen hun gedrag in de stormnacht
86: De commandant onderricht de priesters over de nutteloosheid van de afgodendienst
87: De priesters worden door hun collega's ondervraagd.
88: Het besluit van de priesters.
89: De dank van de priesters
90: Hoe ware leerlingen van de Heer zich dienen De Heer in Afek
91: Het vertrek naar Afek
92: Bij de Romeinse waard in Afek (29.11.1862)
93: De gedachten van de waard over de Heer
94: De Heer geneest de zieken in de herberg
95: De Heer vertelt de ontwikkelingsgang van de priester
96: De Heer geeft onderricht over het verval van de mensheid
97: Het juiste zoeken van God
98: De Heer maakt het juiste zoeken van God aanschouwelijk
99: De priester wil zijn wereldse leven rechtvaardigen
100: De eerdere openbaringen van de Heer aan de priester
101: De bedenkingen van de commandant over de schoonheden van de natuur (11.12.1862)
102: Het verzoek en de belofte van de priesters
103: Een wonder met symbolische betekenis voor de priesters
104: De leerling Andréas spreekt over de werken en woorden van de Heer
105: Het wonderbaarlijke ochtendmaal
106: Over het uitroeien van het heidendom
107: Over de naastenliefde
108: De belofte en vermaning van de Heer (2.1.1863)
109: De almacht van de Heer en de beperkingen ervan
110: De commandant vraagt naar de hel
111: Waarom uiterlijke vormen vernietigd dienen te worden
112: Waartoe ziektes dienen
113: Hoe moeilijk het is voor verdwaalde zielen aan gene zijde om te keren
114: De vergeefse poging om een tiran op te voeden
115: Een voorspelling van de Heer over de Laatste Tijd
116: De geestelijke omgeving van de Heer
117: De burgers van Afek bewonderen de nu vruchtbare omgeving (21.1.1863)
118: Het vertrek van de Heer uit Afek De Heer onderweg naar Bethsaïda
119: De ontmoeting met de karavaan uit Damascus
120: De Heer richt enkele woorden tot de karavaan
121: De Heer neemt zijn intrek in een herberg bij Bethsaïda
122: De Heer onthult de waard de oorzaak van het uitblijven van zijn zonen
123: Het geloof en het vertrouwen van de waard
124: De Heer vraagt naar de Messias (26.1.1863)
125: De Heer getuigt over Zichzelf
126: De vismaaltijd
127: De geestelijke alomtegenwoordigheid van de Heer en de leiding van Zijn genade
128: Over het verbreiden van de leer van de Heer en over het zegenen
129: Ter bestrijding van het bijgeloof verklaart de Heer de kosmos
130: Over de Egyptische astrologie en andere dwalingen
131: De noodzaak om voorzichtig te zijn bij het onderrichten
132: Het gezegende landschap
133: De tweede uitzending van de leerlingen (1.2.1863)
134: De organisatie van de leerlingen van de Heer
135: De visvijver van de waard
136: De waard onderricht de gasten over het veranderde land
137: De gasten herkennen de Heer
138: De bekentenis van de oudste
139: De vraag naar de naaste
140: De gelijkenis van de landheer
141: De Heer voorspelt Zijn dood en Zijn opstanding De Heer in nog twee andere steden
142: Op doorreis (4.3.1863)
143: De Heer in de arme herberg van de basaltstad
144: Het viswonder
145: De waardin en haar dienstboden
146: Over de liefde tegenover mensen met een ander geloof
147: Over het toelaten van wantoestanden en verval onder de mensen.
148: De oorzaken van de ziekte van de zoon van de waard
149: De twee vreemdelingen uit Nineve
150: De religieuze situatie in het land van de twee vreemdelingen (11.4.1864, vanaf vers 6)
151: Over de gerichten van God en de gevolgen daarvan
152: Wat voor invloed het verbreiden van het evangelie heeft Over de wederkomst van de Heer
153: De vraag over de opwekking van de gelovigen op de jongste dag
154: De Heer motiveert Zijn genade
155: Het begrip eeuwigheid
156: Over het Laatste Gericht
157: De Heer geeft Johannes en Mattheus aanwijzingen voor hun aantekeningen
158: De historie van de basaltstad en haar omgeving
159: Wat de zon eigenlijk is
160: De Heer voorspelt dat de vreemdelingen bij hun koning worden opgenomen
161: Het verbreiden van de leer van de Heer in Babylon
162: De Heer zegent het woeste gebied van de roofzuchtige herders De Heer in de stad bij de Nebo
163: De Heer en de Farizeeën voor de stadspoort
164: Het wijnwonder in de Romeinse herberg
165: Het gesprek over het wijnwonder
166: De bevrijding en bekering van de Farizeeën, die voor door leeuwen worden bewaakt (16.4.1864)
167: De voorspelling van de Heer aan Barnabas
168: De geloofsbelijdenis van de opperstadsrechter
169: De materialistische kritiek van de opperstadsrechter op de ontwikkeling van de mens
170: De Heer stelt aan de opperstadsrechter enkele vragen die tot nadenken stemmen
171: Over het werken van krachten
172: Het verkeer met gene zijde Het innerlijk geestelijk gezicht
173: Een geestverschijning
174: Belevenissen aan gene zijde
175: Leiding in de wereld aan gene zijde
176: De vraag naar de hel en haar geesten
177: De afgodsbeelden in het huis van de waard
178: Op de berg Nebo
179: De merkwaardige zonsopgang
180: De ontaarding van de Joodse leer
181: De huisgoden in de herberg worden vernietigd (27.4.1864)
182: De oorzaken van lichamelijke ziekten
183: De strijd in de natuur
184: Het doel van de strijd in de natuur
185: Het voorbeeld van een vereniging van dierlijke zielen
186: Dat de Heer de heidenen schijnbaar begunstigt
187: De liefde van de Heer voor het Joodse volk
188: Over valse Christussen, valse profeten en valse wonderen Wenken voor het gedrag van de leerlingen
189: De moeilijkheid van het ambt van leraar
190: De priester van Apollo informeert naar de Heer
191: Het ware vereren van God en afgodendienst
192: Het ontstaan van het afgodendom
193: Het ontstaan van de Apollo verering
194: De vermaning van de Heer tot liefde en geduld bij het verbreiden van Zijn leer
195: De alomtegenwoordigheid van de Heer en Zijn almacht Over het wezen van de ziel en het proces van het zien
196: Een beeld van de geestelijke ontwikkeling van de mens (10.5.1864)
197: Over het opstijgen en neerdalen van engelen
198: Het verschijnen van de engelen
199: Over het werken van de engelen
200: Een bewijs van de macht van Rafaël
201: De veranderde omgeving bij de berg Nebo
202: Rafaëls bewijs van zijn snelheid
203: De stralende steen van de zon
204: De dierenwonderen van Rafaël
205: De verbaasde dienaren vangen en temmen de olifanten (13.5.1864)
206: Waarom volmaakte geesten zalig zijn
207: Over de onbevattelijkheid van de schepping
208: De wonderbare spijziging in de herberg
209: Het voedingsproces in het menselijke lichaam
210: De belangrijkste voedingsmiddelen voor de mens
211: De Heer als almachtige Schepper
212: De belijdenis van Petrus en zijn verzoek om de gelijkenis van de zaaier uit te leggen
213: Over het verkondigen van het evangelie aan alle schepselen
214: De beelden van het uitrukken van de ogen, het afhakken van de handen en van het eten en drinken van het vlees en bloed van de Heer (20.5.1864)
215: De juiste toepassing van het gebod van de naastenliefde
216: Over de ontrouwe rentmeester
217: De verklaring van de gelijkenis van de onrechtvaardige rentmeester en van het koninklijke gastmaal
218: De gelijkenis van het onkruid tussen de tarwe
219: De kenmerken van een valse profeet
220: Over het doen van wonderen
221: Over het bekeren door wonderen
222: Noodrijpe en volledig rijpe zielen
223: Judas Iskariot (30.5.1864)
224: De Heer waarschuwt tegen traagheid
225: Over spaarzaamheid
226: Een ochtendgroet van de kraanvogels
227: Over de uiterlijke levenssfeer (de aura)
228: Waarom de vogels water opnemen
229: Over het vliegen van de mensen De Heer in het dal van de Jordaan
229: De Heer met de Zijnen in het dal van de Jordaan
230: De ontoeschietelijke waard
231: De Heer kondigt de waard een karavaan aan
232: Het oordeel van de waard over de Joden
233: Nog meer oordelen van de waard over de Joden (4.6.1864)
234: De Heer getuigt over Zichzelf en Zijn zending
235: Het ontstaan van de Dode Zee
236: Het ontstaan van de Kaspische Zee
237: De waard vraagt naar de reden voor het verwoesten van Babylon en Nineve
238: De pest van de traagheid
239: Kritiek op de voedselvoorschriften van Mozes
240: Wenken voor de voeding De gebreken van de wetten der profeten
241: De onvolkomenheid van menselijke kennis
242: De verdraagzaamheid van de Romeinen
243: De slechte bedoelingen van de Farizeeërs (19.7.1864)
244: De kritiek van de waard op de Joodse priesters