Weinig schade in de haven. Terug naar huis. Maria in de draag­stoel. De opzettelijke omweg

Jakob LorberDe jeugd van Jezus

«« 79 / 302 »»
[1] Bij de kust aangekomen, waar deels door de natuur, deels kunst­matig, de haven geschikt was ge­maakt voor schepen, verbaasde Cyrenius zich ook niet weinig.
[2] Nergens was daar namelijk enige schade te ontdekken, be­halve dan dat alle zogenaamde mythologische versieringen van Cyrenius’ prachtige schip totaal vernield waren.
[3] Cyrenius zei daarom tegen Jozef: ‘In de gegeven omstandig­heden, waarde vriend, zal er voor je zoons maar weinig werk zijn.
[4] Kijk maar, geen enkel vaar­tuig heeft ook maar enige schade geleden, behalve dan dat­ en dat is mij overigens niet onwelkom ­met name op mijn schip de afgo­denbeelden waarschijnlijk kennis hebben moeten maken met het zeewater!
[5] Ik vind het zelfs wel fijn, en ik zal zeker geen nieuwe op mijn schip laten aanbrengen!
[6] In plaats van aan hen, zij alle eer en lof aan jouw God!
[7] Toch zal ik jouw zonen voor eventueel nodige kleine repara­ties, die op mijn schip gewenst mochten blijken, zo belonen, als waren dat grote opdrachten ge­weest!’
[8] Maar Jozef zei: ‘Vriend en broeder, heb toch alsjeblieft niet al te veel zorgen over de in­komsten van mijn zonen!
[9] Want niet om de verdien­sten, maar om aan jou een dienst te bewijzen, zou ik je met mijn jongens graag te hulp zijn geko­men! Nu blijkt dat de Heer Zelf je heeft geholpen en dat is beter! Je kunt mijn hulp nu gerust missen.
[10] We hebben nu wel zowat alles bekeken en het is al aardig Iaat in de middag geworden. Ik vind daarom dat we maar weer naar huis moesten gaan, en mor­gen wat eventueel nog nodig is, in ogenschouw nemen. ,
[11] Cyrenius zei nu: ‘Die me­ning ben ik ook toegedaan; ik heb namelijk -meer dan ik zeggen kan -medelijden met ons arme moe­dertje! Zo gauw mogelijk naar huis dus!
[12] Dadelijk zal ik een draag­stoel voor haar laten halen, dan kan ze daarin samen met het Kindje gedragen worden.’
[13] Achter Cyrenius meldde Zich aanstonds het Kindje met:
[14] ‘ Ja, dat moet je zekerdoen, want deze moeder is al heel erg moe; aan Mij heeft ze een wel erg zware last!
[15] Maar je mag niet via het priesterplein naar huis gaan, zoals je van plan was!
[16] Als Ik daar namelijk, met moeder wordt voorbij gedragen ­er liggen daar inmiddels al meer dan honderd uitgegravenen op matten ­
[17] dan zouden die allemaal plotseling weer tot het leven te­rugkeren, en dat zou dan voor jou en voor het hele volk op een rechtszaak uitdraaien, die al heel erg ongelegen komt!
[18] Zij zullen dus in de loop van de nacht door menselijke hulp -waarop Ik dan een geheime in­werking zal hebben -worden op­gewekt.
[19] De schijn van iets wonder­lijks zal daardoor vermeden wor­den, terwijl jij en heel het volk daardoor gevrijwaard zullen blij­ven van een oordeel, dat voor jul­lie geest eeuwig dodelijk zou kun­nen zijn.’
[20] Cyrenius nam die raad blij­moedig ter harte; de draagstoel werd dus gebracht, en Maria nam er met het Kindje in plaats.
[21] Cyrenius koos nu een ande­re weg, langs welke het hele gezel­schap inclusief de drie priesters even vlug en gemakkelijk Jozefs villa bereikte.
«« 79 / 302 »»
Graag willen wij u wijzen op het grote belang van aanschaf van de originele boekwerken die hier digitaal kunnen worden ingezien. Hiermee bevordert u de voortgang van de werkzaamheden m.b.t. herdrukken en uitgifte van nieuwe vertalingen. Informatie over het bestellen van deze boeken vindt u op www.lorber.nl.