De weg tot wedergeboorte.

Jakob Lorber - Het Grote Johannes Evangelie (deel 1)

«« 226 / 242 »»
[1] Ik zei het volgende: 'Jullie hebben nu een nieuwe manier en methode leren kennen, waardoor de mens van de materie over kan gaan naar het steeds zuiverder en reiner geestelijke, en hoe hij op deze weg heer over zichzelf en daardoor uiteindelijk ook over de gehele uiterlijke wereldse natuur kan worden. Volg daarom regelmatig deze weg in Mijn naam, en je zult een grote beheersing over je hartstochten en daardoor over de hele natuur en in de andere wereld over alle schepsels krijgen.
[2] Jullie hebben de boosaardige verschijnselen gezien die de satan jullie ten deel heeft laten vallen. Ze hebben je vrees en schrik bezorgd; maar je hebt je, vertrouwend op Mijn woord, vermand en bent de rust weer ingegaan en in die rust zijn jullie geheel meester geworden van alle kwade gebeurtenissen.
[3] Maar geloof nu niet dat je de satan nu al geheel ontmoedigd hebt! Zo vaak je weer zo'n oefening zult doen, zul je door hem verontrust worden zolang je in de geest nog niet volledig nieuw geboren wordt.
[4] Zijn jullie echter eenmaal in de geest opnieuw geboren, dan heeft de satan voor eeuwig alle macht over jullie verloren, en jullie zullen zowel rechtspreken over hem, als over al degenen die hij tot zich getrokken heeft, en die je hem weer voor eeuwig ontnemen zult!'
[5] Petrus vraagt: 'Hoe word je dan wedergeboren? Moeten dan ziel en geest weer in het lichaam van een nieuwe vrouwen daaruit dan weer opnieuw geboren worden? Of hoe moeten we ons dat voorstellen?'
[6] Ik zeg: 'Dat kun je nu nog helemaal niet begrijpen. Als Ik eenmaal opgevaren zal zijn naar de plaats waar Ik vandaan ben gekomen en Mijn geest jouw geest vrij zal maken, dan zul je de wedergeboorte van de geest wel begrijpen en in alle diepte en volheid beseffen. Maar nu zou dit jou en niemand van jullie al mogelijk zijn. Maar door het opvolgen van Mijn leer en door deze levensoefeningen zul je tenslotte uit en in jezelf dat licht bereiken.
[7] Je kunt dat door geen leer en door geen onderricht van buitenaf begrijpen, maar het moet uit jezelf voortkomen op de weg die Ik je nu voor alle tijden der tijden Iaat zien.'
[8] Judas zegt: 'Heer, ik heb geweldige tovenaars en geestenbezweerders en geestenverdrijvers gezien; die hebben met de zielen van gestorvenen gesproken, en deze spraken echt en zeiden verborgen dingen. Hoe zijn deze dan in het geestenrijk binnengedrongen?'Dat is dan toch ook wel een soort van geestelijke wedergeboorte!?'
[9] ' O ja " zeg Ik, 'maar niet voor de hemel, die Gods troon is, maar voor de hel, waar de satan en zijn engelen wonen!'
[10] Daarop zegt Judas: ' Als dat zo is, dan is de satan ook een heer met veel, zij het dan kwade, macht toegerust! Dan vind ik toch, dat indien dat mogelijk was, het beter zou zijn om een satan te vernietigen, dan duizendmaal duizend mensen door hem te laten vernietigen! Waarom moet er in een goddelijke ordening ook een satan zijn?'
[11] Ik zeg: 'Daarom, om ook jou op de jongste dag te vangen omdat je je zo over hem ontfermt! Het zal nog lang duren voor je heel vaag zult zien wie je zelf bent, laat staan dan wat de grote orde van God is, die om heel wijze redenen naast de dag ook een nacht op aarde geschapen heeft. Begrijp je de werkelijke reden van de aardse nacht der aarde, en begrijp je de eeuwige dag van iedere zon, die elk op zichzelf ook een aarde is, net als degene die jou draagt en voedt? Als je dit echter niet begrijpt, dan vraag Ik aan jou, hoe jij hier een vraag kunt stellen die niet betamelijk is voor een mens tegenover zijn Heer, God en Schepper! Zou je ook nog niet willen vragen waarom een steen hard en waarom het water zacht is, of waarom het vuur pijn doet en het koele water niet?
[12] Maar Ik zeg je: Als je niets begrijpt, leer dan eerst wat, en wees daarbij stil en heb een opmerkzame geest; en ga je daardoor iets begrijpen, dan kun je spreken en je broeders lastige vragen stellen!
[13] Maar weet je, het is met jou net als met alle menselijke domheid: heimelijk schamen ze zich er voor, maar ze willen het verbergen onder allerlei prachtige wijs lijkende vragen, ze beseffen echter niet, dat ze daardoor eigenlijk pas goed hun domheid ten toon spreiden! Laat daarom Mijn goedaardige woorden een les voor je zijn, want anders kon je nog wel eens hard ergens tegen op botsen, en Ik zal je dan niet zo vlug uit de modder halen!'
[14] De lust om wat te vragen was door deze woorden behoorlijk bekoeld bij Judas, en hij wierp daarop ook onderzoekende blikken naar Thomas; maar deze was verstandig, en deed alsof hij niets van de terechtwijzing gemerkt had en alle andere leerlingen deden dat ook, en daardoor was Judas gerustgesteld, en hij trok zich wijselijk terug.
[15] Ik zei toen tegen Baram: 'Broeder, nu kun je de maaltijd wel laten opdienen, maar dit keer in de kamers!' Baram gaat snel de keuken in en laat alles vlug in orde maken; wij volgen hem, en binnen een uur hebben wij de maaltijd heel op ons gemak genuttigd.
«« 226 / 242 »»
Graag willen wij u wijzen op het grote belang van aanschaf van de originele boekwerken die hier digitaal kunnen worden ingezien. Hiermee bevordert u de voortgang van de werkzaamheden m.b.t. herdrukken en uitgifte van nieuwe vertalingen, en niet te vergeten het beschikbaar houden van boeken voor een grote groep mensen die niet vertrouwd zijn met digitale communicatiemiddelen. Informatie over het bestellen van deze boeken vindt u op www.lorber.nl.