Jakob Lorber – De jeugd van Jezus
«« 191 / 302 »»
[1] Toen het Kindje met Cyrenius en diens acht kinderen buiten in de vrije natuur was, zei Het tegen Cyrenius:[2] ‘Kijk, daarginds staat een boom; hoever kan dat zijn van hieraf?’
[3] Cyrenius sprak: ‘Ik schat het zeker wel op tweehonderd passen van hier!’
[4] Het Kindje zei: ‘Laten we dan eens een wedstrijdje houden om uit te maken, wie van ons de vlugste voeten heeft.
[5] Cyrenius zei lachend: ‘Maar Heer, met natuurlijke krachten zult U zeker het laatst bij de boom zijn!’
[6] Maar het Kindje zei: ‘Dat zal de uitslag dan moeten bewijzen; laten we het maar eens proberen!’
[7] Nu liepen die twee hardlopers wat ze konden, en het Kindje was toch het eerst bij de boom. ..
[8] Bijna volledig buiten adem zei Cyrenius, toen ook hij bij de boom was aangekomen:
[9] ‘Heer, ik heb het wel geweten, dat U niet op natuurlijke wijze lopen zoudt, en dat U dus wel het eerst aan het doel zoudt zijn!
[10] U wordt immers door onzichtbare krachten gedragen, terwijl ik slechts gedragen word door mijn trage benen!’
[11] Maar het Kindje antwoordde: ‘Nee Cyrenius, je hebt je weer eens vergist; jouw voeten worden immers net als de Mijne door onzichtbare krachten bewogen!
[12] Het verschil bestaat slechts hierin, dat Ik al meester over die krachten ben, en jij nog maar een leerling!
[13] Als jij je krachten goed zoudt oefenen, dan zou jij ze ook kunnen gebruiken als de meester!
[14] Laten we nu eens terugrennen en dan zien, wie het eerst op het erf voor het huis aankomt!’
[15] Vlug bukte Cyrenius zich nu, tilde het Kindje van de grond, en rende met Hem naar het erf, waar hij dus verreweg als eerste aankwam.
[16] Daar aangekomen lachte het Kindje: ‘Was dat even leuk!
[17] Jij hebt het in enen tot meesterschap gebracht! Je zag de Meester, nam Hem op, en werd daardoor zelf tot kampioen!
[18] Maar nu moet je daaruit ook nog leren: Voortaan zal er niemand meer op eigen kracht tot meesterschap kunnen komen!
[19] Men zal de Meester moeten opnemen om aldus door de Meester, Die men heeft “opgenomen”, zelf tot volmaaktheid te komen!
[20] Het maakt weinig uit, wie het hardste lopen kan. Niettemin moet iedereen zijn best doen om het door Mij aangegeven doel zo vlug mogelijk, ja als eerste te bereiken!
[21] Wie zijn levensloop op eigen kracht wil doen, die zal als laatste aankomen!
[22] Maar wie doet zoals jij zojuist tijdens de tweede wedloop deed, die zal net als jij -zijn doel als eerste bereiken!
[23] Maar laten we nu een ander spelletje gaan doen en ons echt kinderlijk vermaken!’
«« 191 / 302 »»
Graag willen wij u wijzen op het grote belang van aanschaf van de originele boekwerken die hier digitaal kunnen worden ingezien. Hiermee bevordert u de voortgang van de werkzaamheden m.b.t. herdrukken en uitgifte van nieuwe vertalingen. Informatie over het bestellen van deze boeken vindt u op www.lorber.nl.
